VNG Utrecht
14-02-11

Samenwerkingsagenda 2.0 moet minder breed van opzet zijn

Gemeenten en provincies moeten meer en beter samenwerken, maar hun samenwerking vervolgens wel toespitsen op essentiële onderwerpen.

Dat vond een meerderheid van de twaalf lijstrekkers die deelnamen aan het provinciaal lijsttrekkersdebat. De bijeenkomst, die maandagavond 14 februari 2011 werd gehouden in het provinciehuis, stond onder leiding van Elisabeth van den Hoogen. De organisatie was in handen van VNG afdeling Utrecht, in samenwerking met de provincie Utrecht. Meer dan 100 mensen namen deel aan de bijeenkomst.

Het debat werd gevoerd rond vier thema’s, die ook centraal staan in het nieuwe Manifest van de Utrechtse gemeenten, waarvan het concept aan de vooravond van het debat werd gepubliceerd.

Bestuurlijke samenwerking was het eerste onderwerp dat werd aangesneden. De partijen bleken het in grote lijnen eens te zijn met de stelling dat samenwerking met gemeenten belangrijk is. Maar een nieuwe samenwerkingsagenda, door GroenLinks getypeerd als Samenwerkingsagenda 2.0, moet niet meer zo tot in detail zijn geregeld. Ook moeten de afspraken beter democratisch worden ingebed, door ze te laten beoordelen in provinciale staten en de gemeenteraden.

Zowel onder het kopje economie en mobiliteit als bij het thema ruimtelijke ordening en de rode contouren bleek dat de diverse politieke partijen de provincie de komende vier jaar vooral beter de regierol willen laten voeren. Volgens Bert de Vries (PvdA) staan alle partijen in de staten op dit punt zelfs op een lijn. “Hier is kortom een grote slag te slaan voor de provincie. Want we zijn het met elkaar eens eens.” Over de striktheid van de rode contouren was minder overeenstemming. Han IJssennagger van de PVV ging daarin het verst. “We zijn veel te krampachtig bezig. Van deze provincie is circa 14 procent bebouwd. Meer dan drie kwart is natuur, ruimte en water. Er is dus ruimte zat. En als we een paar procent daarvan opofferen hebben we alle problemen opgelost.”

Jeugdzorg was een vierde thema dat in het debat ter sprake kwam. De verantwoordelijkheid daarvoor wordt overgedragen van provincie naar gemeenten. Prima zaak, vinden de meeste partijen. Carla Dik-Faber(CU): “Het gaat om het kind. Dat vind iedere partij. Daarom vinden wij de overdracht van de jeugdzorg naar het lokale niveau een goede zaak. Want dan bevindt de hulp zich op de plek waar ook het kind is.”

Dat gemeenten desondanks aan de provincie moeten blijven rapporteren is volgens een aantal partijen niet meer dan logisch. Petra Doornenbal (CDA): “We moeten samen bepalen waar er behoefte aan is om die overdracht zo soepel mogelijk te laten verlopen. Dat brengt controleren en rapporteren met zich mee.” En dat het beschikbare budget niet meeverhuist werd door een aantal van de lijsttrekkers al even logisch gevonden. Han IJssennagger van de PVV: “Als we er niets over te zeggen hebben, geven we er ook geen geld meer aan uit.”

Klik hier voor een uitgebreide terugblik op de bijeenkomst.
Klik voor meer informatie over de verkiezingen in de provincie Utrecht naar www.stem2maart.nl.