VNG Utrecht

Marlien de Kruijf: ‘Lokaal bestuur kan voor mensen echt het verschil maken’

21-06-10

Politicologie studeren is heel iets anders dan politiek bedrijven. Daar is Marlien de Kruijf, PvdA-raadslid in Amersfoort inmiddels wel achter. “Dankzij mijn studie is de basis van het systeem natuurlijk bekend. En een algemene academische vaardigheid is dat je heel snel stukken kunt lezen en de essentie kunt bevatten. Ook dat helpt. Maar daarmee weet je nog niet waar de gevoeligheden liggen en wat nu wanneer politieke wijsheid is. Dat is een kwestie van ervaring.”

Vier jaar geleden verruilde de nu 25-jarige De Kruijf haar geboorteplaats Leusden voor Amersfoort. Daarmee liet ze de gemeente achter zich, waar haar vader Kees de Kruijf lange tijd namens de PvdA wethouder was. “Ik kom inderdaad uit een zeer politiek, rood nest. Ik heb het allemaal van heel dichtbij meegemaakt, en heb de gemeentepolitiek min of meer met de paplepel ingegoten gekregen. Wat overigens niet automatisch betekent dat je er ook iets mee doet. Ik heb nog twee zussen die niet deze kant zijn opgegaan. Maar ikzelf vond het in ieder geval wel erg leuk.”

Marlien de Kruijf: “Het kost tijd om goed in de vingers te krijgen waar de gevoeligheden liggen en wat politieke wijsheid is.”

Wonend in Amersfoort voltooide ze in september vorig jaar haar studie politicologie, die ze volgde na afronding van haar eerste studie geschiedenis. “Ik heb al met al zes jaar gestudeerd. Dat was een heerlijke periode.” Eenmaal afgestudeerd ging De Kruijf direct op zoek naar een baan. “Ik had al twee leuke bijbaantjes, die uiteindelijk ook allebei resulteerden in een parttime baan. Ik werk al 3,5 jaar bij De Lieve Vrouw, een theater/filmhuis in de Amersfoortse binnenstad. En ik werk bij het Nationaal Monument Kamp Amersfoort. Daar was ik al een hele tijd actief als vrijwilliger, maar nu zochten ze een educatief medewerker. En dat sloot natuurlijk perfect aan bij mijn studie geschiedenis. Met twee parttime banenwas mijn week al aardig gevuld. En daar komt nu sinds de verkiezingen van maart het raadswerk bij.”

Direct actief geworden
De weg die daartoe leidde begon op het moment dat De Kruijf in Amersfoort kwam wonen. “Ik ben vrijwel direct actief geworden bij de lokale afdeling van de PvdA, en dan vooral bij de campagne die we hier eigenlijk permanent aan het voeren zijn. Elke maand wordt er wel weer iets anders georganiseerd. En daar heb ik lange tijd aan bijgedragen. Dat was ook de manier bij uitstek om heel veel mensen te leren kennen, binnen én buiten de PvdA.”
In de zomer van 2009 kwam de vraag op tafel te liggen wie zich allemaal kandidaat wilden stellen voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2010. “Toen ben ik er ook zelf over gaan nadenken. Daarvoor was ik aan het studeren en speelde dit allemaal niet zo. Maar toen een zittend raadslid me de vraag stelde of het raadswerk niet wat voor mij zou kunnen zijn, ben ik er serieus over gaan nadenken. Ik heb verschillende raadsvergaderingen bezocht en toen leek het me toch wel erg leuk. Je bent namelijk direct bezig  met wat je in de stad allemaal om je heen ziet. Je kunt echt beslissingen nemen over zaken die de mensen direct raken. Het is bovendien heel leuk om de stad op deze manier te leren kennen en bezig te zijn met het bestuur van een stad.”
In september en oktober volgden gesprekken met de kandidaatstellingscommissie. “Daar ben ik vrij nuchter ingegaan. Het leek me hartstikke leuk. Maar ik had ook twee banen en vond dat al helemaal perfect. Er hing voor mij dus niet zoveel vanaf.”
Toch leidden de gesprekken ertoe dat De Kruijf door de commissie op de derde plek werd gezet van de kandidatenlijst. “Dat was best even schrikken”, erkent De Kruijf. “Ik wil niet te bescheiden klinken, maar ik had dat echt niet verwacht. Zo’n positie brengt ook wel wat met zich mee. Want je moet overal meteen volop in meedraaien. Daar kwam bij dat we bijzonder intensief campagne hebben gevoerd. Mede vanwege het feit dat het gevaar dreigde dat we zouden verliezen.”

In een roes verlopen
Het mocht niet baten. De PvdA verloor ook in Amersfoort fors terrein en dook van tien naar zes raadszetels. “De peilingen zaten nog lager, dus zo bezien valt het nog mee. Maar we hadden stiekem toch wel een beetje gehoopt op zeven zetels.”
Het laat onverlet dat De Kruijf zitting mocht nemen in de raad. “Die hele week van de verkiezingen is eerlijk gezegd in een roes verlopen”, blikt ze terug. “Het kwam ook allemaal heel snel achter elkaar voor mij. Amper zes maanden vanaf het moment dat ik besloot om het te gaan proberen tot aan de Verkiezingsavond. De lijst samenstellen, de campagne, de verkiezingen: het volgde elkaar heel snel op. Voor mij was het ook nog maar de vraag of ik er wel in zou komen. Op basis van voorkeursstemmen zou ik zomaar voorbij gestreefd kunnen worden door iemand die lager op de lijst stond. Het was dus vooraf helemaal niet zeker of ik wel in de Raad zou komen. Ik heb me dus voorbereid op alle mogelijke uitkomsten.”
Het moment dat bekend werd dat zij inderdaad in de gemeenteraad zitting mocht nemen, heeft De Kruijf niet live meegemaakt. “De uitslag kwam pas heel laat, zo rond half vier. En toen was ik al afgehaakt. Ik las het uiteindelijk om vijf uur ’s ochtends. En dat was een enorme kick. Toen ik het las, voelde ik de adrenaline door mijn lijf stromen. ‘Wauw, ik heb het gehaald!’ Dat gevoel overheerst. Pas veel later komt daar een gevoel bij: ‘Oh jee, ik heb het gehaald. Wat nu?”
Niet dat De Kruijf zich daar geen voorstelling van had gemaakt. “Integendeel, met twee banen ben je er zelfs toe gedwongen  goed over de inpassing na te denken. Maar ik had altijd zoiets van: als het zover is, dan zien we wel hoe het geregeld wordt. Als je iets doet wat je heel erg leuk vindt, dan kan je ook heel veel en is het ook leuk om er veel tijd in te stoppen. Ik zie het wel als het komt.”

 
Opstartfase vergde veel tijd
Sinds haar benoeming tot raadslid spendeert De Kruijf gemiddeld 15 tot 20 uur per week aan het raadswerk. “Zeker in de opstartfase kostte het nog wel meer tijd, zeker drie tot vier avonden in de week en daarnaast ook nog in de weekenden. Maar toen moest het zich ook nog stabiliseren. Je wilt gewoon bij alles wat er speelt extra goed voorbereid zijn. Je reageert op de actuele dingen, en je bent bezig met de overdracht van oude naar nieuwe fractie, je moet je nota’s eigen maken die bij iedereen al bekend zijn, je moet naast de inhoud ook nog eens de procedures leren kennen. Dat kost gewoon tijd.”
De vorming van het nieuwe college nam in Amersfoort eveneens veel tijd in beslag en vergde zelfs nog de tussenkomst van Pieter Winsemius als informateur. Een proces dat De Kruijf vooral vanaf de zijlijn heeft gevolgd. “Dat vond ik ook mijn rol op dat moment. Ik was toch een nieuweling. Er waren wel contacten maar de nummer 1 en 2 van de lijst zijn er het meest intensief bij betrokken geweest. Ik vond het wel fascinerend om te volgen. Het waren spannende tijden en met de dag kon het wisselen.”
Op 11 mei werd de moeizaam verlopen formatie formeel afgerond met de installatie van het nieuwe college van BPA, VVD, D66, CDA, en GroenLinks. Daarmee werd de PvdA veroordeeld tot de rol van oppositiepartij. “Wij staan aan de zijlijn”, aldus De Kruijf. “Het was ook al vrij snel duidelijk dat de voorkeur elders lag. Voor mij persoonlijk maakt het niet uit of ik nu in de coalitie of de oppositie zit, omdat beide rollen nieuw zouden zijn. Maar voor mijn partij is het wel heel jammer. We weten allemaal dat er stevige bezuinigingen aankomen. Er zijn in dat kader twee dingen voor de PvdA heel belangrijk: de sociale zekerheid en de stedelijke vernieuwing in het kader van het programma ‘Amersfoort Vernieuwt’. Er is de afgelopen vier jaar heel veel gebeurd op beide terreinen, waar de PvdA ook heel hard aan heeft getrokken. Nu moet ervoor worden gevreesd dat juist deze terreinen de komende vier jaar door bezuinigingen getroffen worden. En dat zou erg jammer zijn.”

Houvast is nodig
Uiteindelijk werd De Kruijf verantwoordelijk voor de portefeuilles jongeren, sociale zekerheid, welzijn en milieu . “We werken in duo’s, dus we zijn overal met zijn tweeën voor verantwoordelijk. Dat is erg prettig, omdat je voortdurend met elkaar kunt overleggen. Het zijn meestal ook combinaties van oude en nieuwe raadsleden. Dat biedt nieuwelingen zoals ik de nodige houvast.”
En houvast is nodig om weerstand te kunnen bieden aan de lawine aan informatie die op nieuwe raadsleden afkomt. “Daarin moet je dus ook heel selectief zijn. Ik vond het in ieder geval heel belangrijk om eerst maar eens de nodige gesprekken te voeren met een aantal inhoudelijk betrokken mensen en met collega-raadsleden. Zodat je op basis daarvan alvast de belangrijkste dingen op een rij kunt zetten. Vervolgens heb ik aan de hand van de gemeentebegroting en de algemene beleidskaders het politieke spectrum in kaart gebracht. In combinatie met een hele specifieke voorbereiding op wat er actueel speelt in de raad. Elke twee weken zijn er raadsvergaderingen, die de nodige voorbereiding vragen.”
Het is moeilijk om je voor te bereiden op het politieke spel. “Dat is nu nog vooral een kwestie van heel veel luisteren, leren en goed kijken hoe anderen het doen. Het is ook vaak een kwestie van uitproberen en goed overleg voeren met de fractie. Het kost tijd om goed in de vingers te krijgen waar de gevoeligheden liggen en wat politieke wijsheid is.”
Als raadslid hoopt De Kruijf in ieder geval een bijdrage te kunnen leveren aan het verbeteren van de situatie voor jongeren. Amersfoort is een hele jonge stad. Een derde van de bevolking is jonger dan 24 jaar. Daar moet veel meer aandacht voor komen, voor huisvesting, opleidingsmogelijkheden en vrije tijdsbesteding. “Onder invloed van de bezuinigingen worden de belangen van jongeren van alle kanten bedreigd. Het is zaak om dat heel goed in de gaten te houden.”
Persoonlijk hoopt zij na vier jaar eraan te hebben bijgedragen dat Amersfoort een stukje eerlijker, socialer en rechtvaardiger is gemaakt. “Dat kan in hele kleine dingen zitten, maar dat is ook juist de kracht van lokaal bestuur. Als individueel gemeenteraadslid kun je voor mensen persoonlijk echt het verschil maken. Ik hoop in ieder geval dat mensen over vier jaar van mij weten dat ze serieus genomen worden als ze contact opnemen. Sowieso vind ik het contact met de burgers essentieel. Ik ben niet voor niets volksvertegenwoordiger geworden.”

© Eric Harms, Utrecht


Klik hier voor het artikel in Pdf-formaat.