11nov

Najaarscongres 2016 - Vitale democratie, doe er wat aan!

Het fundament van de democratie staat als een huis. “Maar zelfs een huis met een geweldig fundament heeft op zijn tijd onderhoud nodig”, aldus Jan van Zanen, burgemeester van Utrecht en voorzitter van de VNG op het Najaarscongres 2016 van de VNG afdeling Utrecht. Onderhoudswerkzaamheden zijn volgens Van Zanen vooral op het lokale niveau noodzakelijk. Niet alleen omdat in wijken en buurten de democratie het meest wordt doorleefd, maar ook omdat hier de beste mogelijkheden liggen om het vertrouwen van de bevolking in de democratie weer te herstellen. 

De toekomst van de democratie stond centraal in het plenaire deel van het Najaarscongres, dat deze keer werd gehouden in gastgemeente Utrechtse Heuvelrug. Daarvoor had burgemeester Frits Naafs de ruim 120 deelnemers in Cultuurhuis Doorn al welkom geheten, waarbij hij meteen een voorschot nam op het congresthema. “Waar is de inhoud gebleven in het politieke debat? Gaan we wat er in de VS is gebeurd ook hier krijgen? Gaan wij ook beroemdheden inzetten? Gaan wij ook met early voting werken? Waartoe leidt kortom de ‘vertrumping’ in onze verkiezingen?”

Onder andere David Van Reybrouck probeert in zijn boek Tegen Verkiezingen (in 2013 geschreven, in 2016 geactualiseerd) een antwoord te formuleren op de toenemende invloed van het populisme. “Dat boek moet ook ons aan het denken zetten”, aldus Naafs. “Past de democratie in zijn huidige vorm nog wel bij wat wij doen?” 

Utrechtse Heuvelrug experimenteert nu met het BOB-model (beeldvorming - oordeelsvorming – besluitvorming), in het kader waarvan bewoners op gelijk niveau de discussie kunnen aangaan met de gemeenteraad, het college en deskundigen. Die aanpak resulteerde er bijvoorbeeld in dat het lokale veiligheidsbeleid als hamerstuk de raad kon passeren. Naafs: “Deze aanpak heeft een goed en gedragen besluit opgeleverd. Maar de vraag is en blijft of wat wij doen voldoende is.”

Investeringsagenda

Na de algemene ledenvergadering (klik hier voor het verslag) liet Jan van der Voet, interim-directeur van de landelijke VNG, de laatste ontwikkelingen in Den Haag de revue passeren. Hij wees onder andere op de aanstaande buitengewone algemene ledenvergadering van VNG op 30 november in Nieuwegein. Bij die gelegenheid zal onder andere een voorschot worden genomen op de verkiezingen en aansluitende kabinetsformatie. “Wij streven onder andere naar een investeringsagenda op fysiek terrein, samen met het rijk, de provincies en de waterschappen, met als speerpunten klimaatadaptatie en energietransitie. Daar hebben we veel te bieden en gaat het niet hard genoeg.”

Volgens de VNG moet Nederland een inhaalslag maken en is dat ook mogelijk als investeringen die op fysiek terrein toch al gepland staan, op slimme wijze worden gekoppeld aan investeringen die nodig zijn om Nederland klimaatbestendig en duurzaam te maken. “Wij nodigen het volgende kabinet uit om dit samen op te zetten.”

Een tweede punt op de agenda is de lokale democratie. Er ligt inmiddels een Ontwikkelagenda Lokale Democratie 2017-2022, waarin wordt beschreven hoe gemeenten zelf vorm kunnen geven aan verdere democratische vernieuwing. De agenda is opgesteld door de werkgroep Democratie en Bestuur, onder voorzitterschap van Koos Janssen. “Het heeft een mooi resultaat opgeleverd.”

Als een huis

Het congres ‘Vitale democratie, doe er wat aan! - Op weg naar een toekomstbestendige lokale democratie’ werd geopend door Jan van Zanen, burgemeester van Utrecht en voorzitter van de landelijke VNG. Hij erkende volmondig dat het rommelt in het huis van Thorbecke. Van Zanen: “We slagen er niet in om de onderstroom en de bovenstroom bij elkaar te krijgen.” Zoals bijvoorbeeld bleek in het recente asieldebat. “Op veel plekken is dat een vervelend debat geweest met nare uitschieters. Het staat mijlenver van hoe de lokale democratie moet werken, maar het geeft mij tegelijkertijd de overtuiging dat op lokaal niveau de democratie het meest doorleefd wordt.”

De opgave is om beide stromingen in de samenleving weer in gesprek met elkaar te laten treden. Een recent bezoek aan de Utrechtse Sterrenwijk heeft volgens Van Zanen aangetoond dat het kan. “Het waren felle en directe gesprekken, maar ook die mensen snappen wat er gebeurt. Alleen koppelen ze het aan de eigen situatie. Zij wel een huis en ik niet, zij wel een baan en ik niet. Toch zul je daarover serieus in gesprek moeten gaan. Want pas dan kun je mensen bij elkaar brengen. Als voorzitter van de VNG ben ik er dan ook ontzettend trots op dat raadsleden, burgemeesters en wethouders overal hun best doen om dat voor elkaar te krijgen.”

Daar ligt volgens Van Zanen dan ook het zwaartepunt. “We moeten ervoor zorgen dat er gemeenschap is in gemeenten, in plaats van een onder- en bovenstroom. In de lokale arena moeten alle krachten elkaar raken. Het fundament van de democratie staat wat mij betreft als een huis. Maar zelfs een huis met een geweldig fundament verdient onderhoud. Laten we daar nu aan beginnen.”

In zijn reactie onderschreef Koos Janssen de visie van Van Zanen. “Dit is de lijn waarin wij beiden geloven. Sommigen preken de revolutie, maar daar hoort een slagveld bij en daar houden wij niet van. De kunst is wel om ervoor te zorgen dat iedereen op het democratisch speelveld komt. Want anders wordt het alsnog een slagveld. We moeten daarom de samenleving ingaan en haar laten ervaren dat ze ertoe doet.”

Controle is belangrijk

Klaartje Peters is zelfstandig onderzoeker, publicist en bijzonder hoogleraar lokaal en regionaal bestuur aan de Universiteit van Maastricht. Zij wees in haar bijdrage op de enorme stapel rapporten die zijn verschenen over de staat van de democratie en de rol die de gemeenteraad daarin wordt toebedeeld.  “Wat raadsleden allemaal over zich heen krijgen aan oordelen en aanbevelingen is niet niks. En eerlijk gezegd is het teveel. Wat kun je nog meer op het bordje leggen van deze mensen, die zonder ondersteuning hun vrije tijd moeten opofferen, vraag ik me dan af.  Want ze moeten al zoveel.”

Daardoor dreigt bovendien een belangrijke rol van de gemeenteraad ondergesneeuwd te raken: die van controlerend orgaan. “Het staat bepaald niet in de belangstelling”, aldus Peters. “Controleren is ook geen aansprekende bezigheid, laat staan inspirerend; het is vooral lastig. Journalisten hebben er geen aandacht voor en er is in het algemeen weinig eer mee te behalen.”

Toch is die controlerende taak wel degelijk cruciaal, vindt zij. Niet voor niets wijst Pierre Rosanvallon in zijn boek Counter-Democracy. Politics in an Age of Distrust op het belang van democratisch wantrouwen. “Dat moet op georganiseerde wijze in onze democratie worden geïmplementeerd. Je hoort als bevolking bestuurders aan hun beloften te houden. Daarom vind ik het oprecht jammer dat al die rapporten die controlerende rol niet belichten. Controle en het afleggen van verantwoording kunnen niet worden afgedaan als iets voor boekhouders en zeurpieten. Controleren lijkt in strijd te zijn met bevlogenheid en inspiratie. Maar dat is een onterechte tegenstelling. Controleren is een zaak van iedereen.”

Verantwoording

Vandaar dat ook de lokale samenleving bij die controlerende taak dient te worden betrokken. Peters haalde in dat verband Bas Denters aan, bijzonder hoogleraar bestuurskunde aan de Universiteit Twente, die vindt dat er meer pluriformiteit moet zijn in verantwoordingsarrangementen. “Daar moet veel meer mee geëxperimenteerd worden. Een voorbeeld zijn de burgervisitaties: burgers die beleidsresultaten beoordelen en met de raad meekijken wat er werkelijk is gebeurd.”

Voor de uitbreiding van het controlerend instrumentarium van de raad zijn wel denkvermogen, organisatiekracht en juridische vaardigheden noodzakelijk. Daar ligt volgens Peters een belangrijke taak voor het bestuur en de gemeentelijke organisatie. “Zij dragen de verantwoordelijkheid om raad en buitenwereld in staat te stellen het beleid te controleren. Zij zullen tegenmacht moeten organiseren en nieuwe checks en balances moeten toevoegen, om het democratisch proces beter te maken.”

Een tweede verbreding heeft betrekking op de rol van de gemeentebestuurders. “Ik wil wegblijven bij de schermutselingen over informatievoorziening, maar wil met u fantaseren over een gemeentebestuur dat samen met de gemeenteraad nadenkt over hoe je informatie beschikbaar en openbaar kunt maken en hoe dat bovendien op een iets meer genereuze manier kan dan nu gebeurt. Bijvoorbeeld langs de weg van de digitalisering. Hoe kun je die gebruiken om mensen te laten meekijken?”

Meer en betere controle is met andere worden de ideale manier om de lokale democratie te versterken, zo vatte Peters samen. “Het is zeker niet spannend. Maar vormt wel de andere kant van de medaille.”

In zijn reactie onderstreepte Koos Janssen het belang van controle. “De Ontwikkelagenda van de VNG  onderscheidt twee hoofdrolspelers: de inwoners en de gemeenteraad. Andere spelers - de colleges, de griffie, het ambtelijk apparaat - moeten hun stinkende best doen die twee hoofdrolspelers het beste te laten functioneren en hun rol het beste te laten uitoefenen. Ik zie de bijdrage van Peters dan ook als een stimulans om hiermee aan de slag te gaan.”

Pick-up truck

Marc Chavannes, correspondent Politiek voor De Correspondent, greep in zijn bijdrage  terug op de uitslag van de verkiezingen in de Verenigde Staten. “Het is de overwinning van de pick-up truck”, aldus Chavannes. “Je kunt Donald Trump niet één op één naar Wilders vertalen maar overwinning van de pick-up truck heeft ons wel iets te zeggen. De kunst is te achterhalen wat. Want het ingewikkelde is dat we juist dat niet weten en er desondanks wel mee moeten werken. De overwinning van Trump zegt mij dat de rechtstaat in Amerika niet meer vanzelfsprekend is, dat de waarheid niet meer vanzelfsprekend is en dat de media niet meer worden als vertaler van wat er aan de hand is. De media die Trump groot hebben weten te maken, zijn geen media. Zij staan voor een verdienmodel dat zijn eigen waarheid predikt in plaats van de feitelijke waarheid.”

Een lastige nieuwe werkelijkheid, ook in democratisch perspectief. “De rapporten die over de toekomst van de democratie zijn verschenen, zijn stuk voor stuk verstandig en serieus. Maar ze kunnen slechts krabbelen aan deze nieuwe werkelijkheid. Zij zijn beter in het signaleren van de problemen dan in het verzinnen van de oplossingen.”

De hamvraag is hoe bij de bevolking de boosheid en het gevoel niet te worden vertegenwoordigd kunnen worden weggenomen. Chavannes wees in dat kader op een experiment met zelfsturing in de Rotterdamse wijk Middelland, waar een groep van 400 buurtbewoners konden meepraten met het wijkbeleid. “Daaruit is gebleken dat democratie op wijkniveau weliswaar niet zo heel erg makkelijk is, maar dat het wel degelijk belangrijk is om ook de wijk in gaan en met mensen te praten en ter plaatse te gaan kijken wat er aan de hand is, zodat je er ook iets aan kunt doen. Dat kun je niet alleen de burgemeester laten doen. Mensen mogen meer verwachten van het lokaal bestuur. Wij zijn verworden tot zappende burgers. Als laboranten van de lokale democratie heeft u als taak ons te boeien.”

Lokale journalistiek

Intensiever contact kan de band met de lokale bevolking versterken. Maar daarnaast pleitte Chavannes nadrukkelijk ook voor een versterking van de lokale journalistiek. Want die leidt steeds meer een kwijnend bestaan of is zelfs al van het mediaterrein verdwenen. “Zoals u de burger moet helpen zijn democratische plicht vorm te geven, moet u ook de journalistiek op lokaal niveau vorm en inhoud helpen geven. Biedt bijvoorbeeld financiële ondersteuning aan stichtingen, die onafhankelijke en kritische verslaggeving over lokale democratie mogelijk maken, al dan niet in digitale vorm. Het is de taak van gemeenten en provincies om daar mee aan de slag te gaan.”

Alle initiatieven die ertoe bijdragen dat de lokale democratie versterkt wordt, kunnen in beginsel op een positieve ontvangst rekenen, aldus Chavannes. “Maar het is tegelijkertijd zaak ons te blijven realiseren dat wat we aan democratische spelregels hebben vastgelegd een groot goed is. Het gaat te ver om oude regels buiten haakjes te zetten terwijl er geen beter alternatief voor is. Wetten en regels zijn primair voor de zwakken bestemd. Het recht van de sterkste of de grootste mond moeten we met humor en kracht van argumenten te allen tijde zien te weerleggen.”

Een mooi pleidooi, vond Koos Janssen. Zelf wilde hij bestuurders en raadsleden vooral het advies meegeven om niet te snel te denken dat zij het wel weten. “De tijdgeest en de tijd waarin we leven zijn al ingewikkeld genoeg. En dus moeten we de moeite en de tijd nemen om iets te duiden en onze democratische weg erin te vinden. Schiet soms in de vertraging. En gebruik de zo verkregen tijd om de beste oplossing te vinden en die te vertalen naar een eigen handelingsperspectief.”

  • Van het Najaarscongres is een video-impressie gemaakt. Deze kunt u bekijken op ons YouTube-kanaal.